In de kleinere exclusieve bijeenkomsten van de toenmalige kerngroep kwam het onderwerp geld zelden ter sprake. Maar toen werd er een vraag om een structurele bijdrage gedaan. Één van onze leden stak haar ziel en zaligheid in dit mooie werk, zoveel dat zij er niet meer naast kon werken. Er werd door de leider gevraagd of de leden haar wilden ondersteunen door €50,- euro per maand bij te gaan dragen aan haar levensonderhoud. Ook toen de desbetreffende vrouw allang verdwenen was (zij was er door hem systematisch uitgewerkt met veel vernederingen en lelijkheid maar dat werd later pas duidelijk) werd deze ‘vrijwillige’ bijdrage betaald.
Als je bij dit exclusieve groepje wilde horen moest je ook dat bedrag maandelijks gaan schenken. De leider zei dat niet letterlijk maar stuurde het er wel op aan. Uiteindelijk deed natuurlijk iedereen dat, en 10 jaar later stond er op de gemeenschappelijke maandelijkse bijeenkomsten, bij de deur van de zaal een tafel met een 'giften' doos voor die maandelijkse bijdrage die ooit begonnen was om iemand te helpen. Met leden uit de kerngroep achter de tafel, die in de gaten hielden of je je ‘vrijwillige’ gift daar wel in deed. Alles moest altijd cash en betaalde je niet dan noteerden zij een kruisje achter je naam en wezen je erop dat je in gebreke bleef.
Daarnaast werden er bijdragen gevraagd voor trainingsbijeenkomsten, meestal €25,- per keer. Er waren toendertijd een stuk of drie trainingen die -alleen voor eigen leden toegankelijk- 1x per maand werden gegeven. Ook werd voor alle maandelijkse huiskamerbijeenkomsten geld gevraagd, meestal €5,- tot €10,- p.p. per keer. Alle ontvangen gelden werden overgedragen aan de organisatie. Met daarnaast nog alle structurele extra donaties. Sommige mensen gaven bijvoorbeeld elke maand €400,- naast de gebruikelijke 'vrijwillige' bijdrages. Opgeteld kwam er tussen de €10.000,- tot €18.000,- per maand binnen in deze gesloten gemeenschap. Inzicht in deze geldstromen was er niet. Er was ook geen financieel jaarverslag. Niemand wist wat er met zijn giften gebeurde. Wel was één van de leden in de kerngroep binnengehaald waarvan je kon vermoeden dat het vanwege zijn boekhoudkundige skills en diploma's was.
Er werd door de leider regelmatig gepreekt over het beroemde Bijbelse ‘geven van tienden'. En toen velen hun huis verkochten om dichter bij elkaar te gaan wonen en een flinke overwaarde (soms enkele tonnen) ontvingen, volgden er preken over hoe je de hebzucht kon loslaten in plaats van op al je geld te blijven zitten en zo nooit als Christus te worden. Als mensen erfenissen ontvingen werd er soms verdacht vriendelijk met hen omgegaan door de kerngroep. Na de erfenis afgestaan te hebben, hoorde de vrijgevige er dan weer een poosje helemaal bij. Gevierd om zoveel vrijgevigheid en de grote stap die deze persoon in z'n geestelijke ontwikkeling had gemaakt. Naast de preken werd je gemotiveerd tot geven met opmerkingen als 'Wie dat niet voor Christus over had die had het echt niet begrepen' waarmee de groep gelijkgesteld werd aan onze lieve Jezus Christus zelf, en '..dat de armen al hadden gegeven, nu de rijken nog..' terwijl de leider met een hand vol geldflappen voor de groep stond te zwaaien. Je wist dan dat je moest geven om geen slechte naam te krijgen of in de toekomst door hem publiekelijk voor de groep beschimpt te worden.
Later kwam naar voren dat het geld wat er binnenkwam ook uitsluitend binnen de groep bleef. Er werd wel gesproken over arme mensen helpen en hoe je de naastenliefde moest toepassen, maar er werd druk geïnvesteerd in verbouwingen van eigen boerderijen van leden en zaken die nodig waren voor mensen in de groep. Zonnepanelen, windmolens, eigen auto’s etc. Er werd veel geïnvesteerd in zaken die handig waren om te hebben voor in de eindtijd. Bakfietsen om spullen door de gemeenschap rond te rijden, zonder elektrische ondersteuning want er zou dan toch geen stroom meer zijn. (Beetje domme investering want later werden er waanzinnig veel zonnepanelen geplaatst op die boerderijen waarmee je makkelijk die fietsen op kon laden). Een van de vrouwen van de kernleden kreeg een mooie, nieuwe moederfiets toen zij een kindje ging krijgen. Als je geld wat er bij een bijeenkomst was gegeven aan een bijstandsmoeder met zeven kinderen wilde geven, kreeg je te horen dat het voor de eigen organisatie moest zijn. Wij investeerden niet in 'duistere' mensen in de buitenwereld.
Als je een flinke erfenis ontving kon je dat, bang voor de druk die op je uitgeoefend zou gaan worden, verzwijgen als je nog niet wist wat je met het geld wilde doen. Je kon er nonchalant over zijn en vage termen gebruiken als ‘een erfenisje’ en ‘er was een beetje geld vrijgekomen’. Dat je moest verzwijgen en liegen vrat dan wel aan je want er werd ook veel over eerlijkheid en waarheid gepreekt. De ‘gehoorzamen’; de leden die zonder bij zichzelf stil te staan alles deden wat de leider zei, hebben met elkaar tonnen en tonnen geld geschonken. Er werden dan allerlei spullen en benodigdheden voor de groep van aangeschaft. Bijvoorbeeld voor de blokhutten op de boerderij en hij dacht dat de eindtijd nu echt begonnen was. Daar moest de groep dan in gaan wonen. (Later is alles weggegooid want het was aangeschaft vanuit een verkeerde intentie, zei diezelfde leider dan. Dat het zijn eigen angstige wereldbeeld was geweest dat had geleid tot überhaupt het kopen van al dat blokhuttenhout, vergat hij voor het gemak maar even en de groep ook.)
Kortom het is een rijke gemeenschap.